Ik ben niet vies van een potje discussiëren

> COLUMN

Tijd

In oktober vorig jaar ging ik met mijn zoon naar een Dark Sky-weekend op ­Terschelling. Een sterrenkundige gaf een lezing over het heelal, daarna gingen we buiten sterren kijken. Het was prachtig! Als voorbereiding bladerde ik een paar weken eerder door het oude dictaat Sterrenkunde van de Koninklijke Marine. Ik realiseerde me hoeveel ­verschillende soorten tijd er zijn. Greenwich Mean Time is natuurlijk de belangrijkste, maar ­vergeet ook niet de sterrentijd, zonnetijd, plaatselijke middelbare tijd en ware tijd. Ook het pensioenfonds houdt zich met tijd bezig, namelijk met lengte van tijd. Het fonds kijkt 60 jaar voor- en achteruit om de beleggingsstrategieën van ons pensioen te bepalen. In januari brak een nieuw tijdperk aan: het fonds is overgestapt op het nieuwe pensioenstelsel. In 2027 kan ik op een goed pensioen rekenen. Een fijn vooruitzicht.

Nu ik ouder word, denk ik steeds vaker terug aan vroegere tijden. Aan mijn tijd aan boord. In 1990 kwamen we in Tripoli in Libië, om een lading appels uit Turkije te lossen. Dit was het Libië van dictator Kadhafi. De inklaring was streng, maar niet corrupt, in tegenstelling tot die in de buurlanden. We kregen walpassen en struinden een middag door de stad. Tripoli maakte een schone, rijke indruk. Heel anders dan Algiers of Alexandrië, ­havens in buurlanden waar we ook vaak aanmeerden.

De volgende dag kreeg ik aan boord ­bezoek van een manager van het agentschap dat de belangen van het schip ­afhandelde. Onder het genot van een glaasje sinas somde de man de verdorvenheden van het Westen op. Daarna sprak hij over de ­heilzaamheid van de ideeën van Kadhafi. Die zouden het ­leven in Europa drastisch veranderen. Nu ben ik niet vies van een potje discussiëren. Dus vertelde ik hem dat ­Europa zich niet zomaar liet uitpoetsen. In 2011 werd Kadhafi vermoord ­tijdens de burgerprotesten van de Arabische Lente. Hoe zou het zijn afgelopen met die manager?

In ons pensioenfonds waait gelukkig een andere wind. Het fonds probeert een verstandige strategie voor de toekomst te bepalen. Niet op basis van ideologie of dictaten, maar door overleg. Los van de waan van de dag. Tot nu toe lukt dat goed. Het bestuur bepaalt de strategie samen met de pensioenraad, de raad van toezicht en alle medewerkers. Geen dictaten dus. Het doet me denken aan mijn per­soonlijke oorlogsheld, Normandië-veteraan kapitein Herman Heida, met wie ik in 1980 mocht varen. Hij zei: “Hope, time and luck are available in abundance, but misery and despair are in short supply.” Misschien is dat wel de kern van omgaan met tijd: het vermogen om geduld te hebben en perspectief te bewaren. Laten we ons daaraan vasthouden. ←

Constant Herfst

(1960) is kapitein bij MF Shipping Group. Hij vaart op productentankers op routes tussen het Verenigd Koninkrijk en Ierland.

Sinds 2019 vertegenwoordigt hij namens de kapiteins­vereniging de werknemers in de pensioenraad van het pensioenfonds.

Constant schrijft deze column op persoonlijke titel.